Delen
De kapel van de Engelse kapitein
De Gasthuiskapel van Den Oever zou een geschenk zijn van een Engelse kapitein. Hij leed schipbreuk voor de kust, werd door Wieringers gered en betaalde uit dank voor een kapel met gasthuis.
Het gebouw zou eerst een pakhuis van de Oost-Indische Compagnie zijn geweest, en werd in de zeventiende eeuw door de gereformeerde gemeente als kerk gebruikt. De lichterschippers schreven dat de kapel al meer dan twee eeuwen niet alleen voor de godsdienst diende, maar ook als vergaderplaats. In de kapel hing een scheepsmodel, volgens de overlevering ter herinnering aan een schipbreuk. Een andere bron noemt een schip vol suiker dat op Wieringen strandde. Vanuit de kapel werd ook de redding van gestrande schepen geregeld.
Hoe de preekstoel uit 1670 en het koorhek erin kwamen, is een raadsel gebleven. Een verhaal zegt dat ze eerst in de Heidense Kapel van Stroe stonden. In 1955 en 1956 hieven de kapelvoogden hun stichting op en brachten de kapel onder bij de hervormde kerk van Oosterland. De kapel zelf staat sinds de jaren zestig in het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen.
Bron: Gea Klein-Hamming: Waanzinnig Wieringen · H. van den Berg (1955), via DBNL