Delen
De Sammelkes van de Sammeltjeskuil
In een kuil bij Zandburen woonden volgens oude Wieringers de Sammelkes: kleine, goedaardige mannetjes. Ze rookten piepkleine pijpjes, speelden op fluitjes en dansten als het donker was. Wie op het land een heel klein kleipijpje vond, had een "Sammelepiepke" in handen.
De Sammelkes waren gek op koper en op alles wat glom. Liet je een koperen ketel buiten staan, dan was hij de volgende ochtend weg, of hij stond er weer, mooier gepoetst dan ooit.
Ze brachten ook de baby's: kinderen kwamen uit de Sammeltjeskuul, lang voordat de ooievaar die taak overnam. En ouders hielden hun kinderen na donker binnen met de waarschuwing dat de Sammelkes buiten waren.
Dominee Heldring ging in 1845 zelf kijken en beschreef aardmannetjes van twee tot drie en een halve voet. Een helder beeld van wat de mensen precies geloofden, kreeg hij niet. De kuil was toen al een boerenwoning. Dichtbij wees men hem een plek waar bestolen eigenaren hun spullen terug konden vinden. De grond was zwart en asachtig, anders dan elders op het eiland, en hij vond er Romeinse scherven. Hij zag er een oude heilige plaats in, later verstoord door het evangelie van Hippolytus. Rond 1880 geloofde niemand er meer in.
Op Texel heten ze Sommeltjes. De oudste gedrukte vermelding, uit 1696, gaat over dat eiland. Dominee Abraham Magyrus schrijft over hommeltjes, kleine mensjes waarvan de Texelaars droomden dat ze in holen in de aarde woonden. Hoe het woord van hommeltje naar sommeltje ging, is niet duidelijk.
Van der Aa noemt de Sommeltjeskuil rond 1850 een voormalige boerderij, een kwartier ten noordoosten van Hippolytushoef, op wat een heidens kerkhof was geweest. Scherven lagen in de walletjes en op de velden. De grond, ongeveer vijf bunder, was van Nan Scheltus en anderen. In 1961 wees de gemeentesecretaris land aan de Gemeenelandsweg aan, in gebruik bij S. Snooij op nummer 14. In de volksmond heette die "Simon van de zandkuul". Van de kuil was niets meer te zien. Wel stond er, ver van de weg, nog een oude boerderij.
Over de naam lopen de verklaringen uiteen. Kees de Jager dacht in 1992 aan tumulus, grafheuvel, via tommelt naar sommeltje. Anderen horen er verzamelen in: Fries sammelje, Duits sammeln, Deens samle. Weer een andere uitleg wijst naar sumbl, een Germaans drinkfeest. Het blijven vermoedens. Op Wieringen werd ook verteld dat ze door de kieren van de bedstee konden komen. Meestal deden ze geen echt kwaad, en soms hielpen ze met een klus. Liep je langs de kuil, dan konden zilveren munten verdwijnen.
Bron: Rodi: Sammelkes op het eiland Wieringen · Irene Maas: Sommeltjes · Wikipedia: Sommeltje